Volleybal
VOLLEYBAL

Volleybal: trainingen & oefeningen

Een filterbare bibliotheek met uitgewerkte volleybaloefeningen — per niveau, type en trainingsfase, met veld-diagram, stappen en coaching. Stel je training samen, vink de oefeningen aan en download een compleet, printbaar trainingsblad.

Zo bouw je een training op

Warming-up

10–15 min

Activeren en balgevoel opbouwen: lichte pass- en bewegingsvormen in tweetallen.

Kern

30–45 min

Techniek per vaardigheid (pass, service, aanval, verdediging), opbouwend naar wedstrijdsituaties.

Afsluiting

10–15 min

Een spelvorm of wedstrijdvorm: het geleerde toepassen onder druk — en met plezier eindigen.

Zo lees je de diagrammen: O opslag · P passer · V spelverdeler/doel · A aanvaller · M middenaanvaller · D verdediger · X tegenstander · G gooier · S server · B blokkeerder. Oranje pijl = balbaan (genummerd), stippelcirkel = doelzone, stippellijn = loopbeweging.
Niveau
Type
Fase

Tip: filter op fase en vink de oefeningen aan die je wilt. Je download loopt automatisch van warming-up → kern → afsluiting. Niets aangevinkt? Dan print je de zichtbare oefeningen.

Inspelen in tweetallen

BeginnerPassWarming-up
Oefendiagramnet12GP

Stappen

  1. G gooit rustig naar P.
  2. P speelt een onderhandse pass terug.
  3. Wissel na 10 herhalingen.

Aandachtspunten

  • Knieën gebogen, gewicht naar voren.
  • Raak de bal op de onderarmen.
  • Sta stil op het raakmoment.

Variaties

  • Makkelijker: vangen en teruggooien.
  • Moeilijker: grotere afstand.

Succescriterium: 10 passes op rij binnen bereik.

Boven- en onderhands

BeginnerPassWarming-up
Oefendiagramnet12AB

Stappen

  1. A speelt bovenhands naar B.
  2. B speelt onderhands terug.
  3. Wissel de volgorde na 1 minuut.

Aandachtspunten

  • Bovenhands: handen boven voorhoofd.
  • Onderhands: gestrekte armen, één platform.
  • Volg de bal tot op de handen.

Variaties

  • Makkelijker: alleen onderhands.
  • Moeilijker: afwisselen op commando.

Succescriterium: Elk 15 goede ballen zonder onderbreking.

Pass tegen de muur

BeginnerPassWarming-up
Oefendiagramnet12P

Stappen

  1. Sla of pass de bal tegen de muur (hier: boven in beeld).
  2. Vang de terugkomende bal met een onderhandse pass.
  3. Ga 2 minuten door, tel je reeks.

Aandachtspunten

  • Blijf laag en klaar voor de terugkomende bal.
  • Hou je platform stabiel richting de muur.
  • Kleine correcties met de benen, niet de armen.

Variaties

  • Makkelijker: bal eerst laten stuiten.
  • Moeilijker: afwisselend boven- en onderhands.

Succescriterium: 20 passes op rij tegen de muur.

Service-routine inslaan

BeginnerServiceWarming-up
Oefendiagramnet1S

Stappen

  1. Herhaal je vaste routine: opgooi, aanloop, slag.
  2. Serveer rustig over het net in het veld.
  3. 10 services; focus op hetzelfde ritme.

Aandachtspunten

  • Elke keer dezelfde opgooi en hetzelfde ritme.
  • Nog niet op kracht — op herhaalbaarheid.
  • Adem rustig vóór elke service.

Variaties

  • Makkelijker: dichter bij het net.
  • Moeilijker: ogen dicht de routine voelen, dan serveren.

Succescriterium: 8 van de 10 services met dezelfde routine in het veld.

Aanloop en timing

BeginnerAanvalWarming-up
Oefendiagramnet1A

Stappen

  1. A zet een aanloop in: traag, sneller, grote laatste pas.
  2. Spring en reik met de slagarm omhoog (nog zonder bal).
  3. Herhaal 8–10 keer, let op het ritme.

Aandachtspunten

  • Laatste pas groot, beide armen mee omhoog.
  • Spring recht omhoog, niet naar voren.
  • Land zacht op twee voeten.

Variaties

  • Makkelijker: alleen de pasjes zonder sprong.
  • Moeilijker: aanval op een opgegooide bal toevoegen.

Succescriterium: Een vloeiende aanloop met een rechte sprong.

Verdedigende houding

BeginnerVerdedigingWarming-up
Oefendiagramnet12GD

Stappen

  1. G gooit lage ballen naar D.
  2. D staat laag en speelt de bal gecontroleerd omhoog terug.
  3. Wissel na 1 minuut.

Aandachtspunten

  • Brede, lage houding; gewicht op de voorvoeten.
  • Armen laag en voor je, klaar om te spelen.
  • Blijf laag, ga niet rechtop staan.

Variaties

  • Makkelijker: hogere, langzamere ballen.
  • Moeilijker: ballen links en rechts naast D.

Succescriterium: D blijft laag en speelt elke bal bespeelbaar omhoog.

Receptie naar doel

BeginnerPassKern
Oefendiagramnet12OPV

Stappen

  1. O serveert (onderhands) op P.
  2. P passt strak naar het doel (V) bij positie 2/3.
  3. V vangt of zet; wissel na 8 services.

Aandachtspunten

  • Sta laag en klaar vóór de service.
  • Beweeg achter de bal, niet reiken.
  • Richt de pass hoog, richting het net.

Variaties

  • Makkelijker: O gooit in plaats van serveren.
  • Moeilijker: service naar wisselende zones.

Succescriterium: 6 van de 10 passes bruikbaar voor V.

Pass en verplaatsen

GemiddeldPassKern
Oefendiagramnet12GVP

Stappen

  1. G gooit naar spot 1 (links); P passt naar V.
  2. P verplaatst naar spot 2 (rechts).
  3. G gooit naar spot 2; P passt opnieuw. Herhaal.

Aandachtspunten

  • Voeten eerst, dan de pass.
  • Blijf laag tijdens het verplaatsen.
  • Sta geplant vlak vóór het raakmoment.

Variaties

  • Makkelijker: vaste volgorde, rustig tempo.
  • Moeilijker: willekeurige spots.

Succescriterium: 8 van de 10 passes gecontroleerd bij V.

Pass in een driehoek

GemiddeldPassKern
Oefendiagramnet123PVA

Stappen

  1. P passt naar V (1).
  2. V zet door naar A (2).
  3. A passt naar P (3). De bal blijft rondgaan.

Aandachtspunten

  • Sta altijd klaar vóór de bal komt.
  • Speel richting de volgende speler, niet recht omhoog.
  • Communiceer met je naam of "mij".

Variaties

  • Makkelijker: alleen onderhands, rustig tempo.
  • Moeilijker: na je pass één ronde om je as.

Succescriterium: 20 passes rond zonder de bal te laten vallen.

Bovenhands naar het doel

GemiddeldPassKern
Oefendiagramnet12GPV

Stappen

  1. G gooit naar P.
  2. P speelt bovenhands (set) naar het doel V bij het net.
  3. Wissel na 10 herhalingen.

Aandachtspunten

  • Handen boven het voorhoofd, duimen naar elkaar.
  • Strek armen én benen richting het doel.
  • Volg de bal met je handen na (follow-through).

Variaties

  • Makkelijker: onderhands naar het doel.
  • Moeilijker: P draait zich eerst 90° voor de set.

Succescriterium: 8 van de 10 sets bruikbaar bij V.

Receptie met drie passers

GemiddeldPassKern
Oefendiagramnet12OPPPV

Stappen

  1. O serveert; de middelste passer neemt de bal.
  2. Die passt naar het doel (V); de anderen roepen "los/jij".
  3. Verander de service-richting elke beurt.

Aandachtspunten

  • Roep vroeg en duidelijk wie de bal neemt.
  • De niet-passer wijkt uit en dekt.
  • Verdeel het veld: ieder zijn zone.

Variaties

  • Makkelijker: service naar vaste speler.
  • Moeilijker: korte en lange services afwisselen.

Succescriterium: Geen botsingen; de juiste speler neemt 8 van de 10 ballen.

Serveren en meteen verdedigen

GevorderdPassKern
Oefendiagramnet12S

Stappen

  1. S serveert over het net (1).
  2. S beweegt direct het veld in, klaar om te spelen.
  3. De terugkomende bal (2) verdedig/pass je gecontroleerd.

Aandachtspunten

  • Na de service meteen in de verdedigingshouding.
  • Lees de tegenaanval terwijl je nog beweegt.
  • Speel de bal hoog en naar het midden.

Variaties

  • Makkelijker: bal wordt rustig teruggegooid.
  • Moeilijker: hardere tegenaanval.

Succescriterium: S verwerkt 6 van de 10 tegenaanvallen bespeelbaar.

Onderhandse service

BeginnerServiceKern
Oefendiagramnet1S

Stappen

  1. S houdt de bal in één hand, slaat er onderhands onderdoor.
  2. Mik de bal over het net, in het veld.
  3. 10 services; tel hoeveel er in landen.

Aandachtspunten

  • Bal vóór je lichaam houden, niet opgooien.
  • Raak de bal met een vlakke hand of vuist.
  • Stap mee naar voren voor richting.

Variaties

  • Makkelijker: dichter bij het net staan.
  • Moeilijker: richten op de achterste helft.

Succescriterium: 7 van de 10 services in het veld.

Bovenhandse service

GemiddeldServiceKern
Oefendiagramnet1S

Stappen

  1. S gooit de bal recht omhoog vóór de slagschouder.
  2. Sla de bal bovenhands met een gestrekte arm over het net.
  3. Mik eerst op het midden, daarna op een hoek.

Aandachtspunten

  • Vaste, lage opgooi — steeds hetzelfde.
  • Raak de bal met een vlakke hand, pols vast.
  • Begin op controle, pas daarna op kracht.

Variaties

  • Makkelijker: lagere opgooi, zachte slag.
  • Moeilijker: float-service (geen spin).

Succescriterium: 6 van de 10 bovenhandse services in het veld.

Service op zones

GemiddeldServiceKern
Oefendiagramnet123S

Stappen

  1. S serveert op zone 1, dan 2, dan 3.
  2. Tel na elke ronde hoeveel in de zone landen.
  3. Wissel servers na 2 rondes.

Aandachtspunten

  • Vaste opgooi en aanloop; herhaalbaar ritme.
  • Richt met je lichaam, niet alleen de arm.
  • Controle eerst, kracht later.

Variaties

  • Makkelijker: grotere zones.
  • Moeilijker: afwisselend hard/kort.

Succescriterium: Minstens 6 van de 9 services in de juiste zone.

Service onder druk

GevorderdServiceKern
Oefendiagramnet12S

Stappen

  1. S serveert gericht op de twee achterhoeken.
  2. Mis je? 5 push-ups of een punt voor de tegenpartij.
  3. Speel 2 rondes; houd je score bij.

Aandachtspunten

  • Blijf bij je vaste routine, juist onder druk.
  • Adem rustig vóór je serveert.
  • Durf te mikken — veilig serveren wint hier niet.

Variaties

  • Makkelijker: grotere hoekzones.
  • Moeilijker: sprongservice of hogere snelheid.

Succescriterium: Minstens 5 van de 8 services in een hoek onder druk.

Serveren om punten

GemiddeldServiceKern
Oefendiagramnet12SR

Stappen

  1. S serveert; R (overkant) probeert te passen naar een doel.
  2. Service in én pass mislukt = punt voor de server.
  3. Speel tot 10; wissel daarna van rol.

Aandachtspunten

  • Zoek de zwakke passer of een lastige zone.
  • Vier een ace, maar blijf gecontroleerd serveren.
  • Als ontvanger: roep en beweeg achter de bal.

Variaties

  • Makkelijker: alleen "in of uit" tellen.
  • Moeilijker: doelzone voor de pass verkleinen.

Succescriterium: Meer gewonnen service-punten dan je tegenstander.

Diep en kort serveren

GevorderdServiceKern
Oefendiagramnet12S

Stappen

  1. Serveer afwisselend diep (achterin) en kort (net achter de aanvalslijn).
  2. Een maat roept "diep" of "kort" vlak voor de service.
  3. 2 rondes van 8 services.

Aandachtspunten

  • Zelfde aanloop, alleen de raakhoogte/snelheid verschilt.
  • Kort: zachtere, hogere boog net over het net.
  • Diep: vlakker en met meer snelheid.

Variaties

  • Makkelijker: vaste volgorde diep/kort.
  • Moeilijker: op commando pas op het laatste moment.

Succescriterium: 6 van de 8 services in de aangekondigde diepte.

Sprongservice

GevorderdServiceKern
Oefendiagramnet1S

Stappen

  1. Gooi de bal hoog vóór je in de baan.
  2. Zet een korte aanloop in en spring.
  3. Sla de bal in de lucht met kracht en topspin over het net.

Aandachtspunten

  • Opgooi altijd op dezelfde plek, iets het veld in.
  • Timing: raak de bal op het hoogste punt.
  • Begin met controle; bouw de kracht op.

Variaties

  • Makkelijker: sprongfloat zonder volle kracht.
  • Moeilijker: richten op een zone met volle kracht.

Succescriterium: 5 van de 10 sprongservices in het veld.

Aanval op een worp

BeginnerAanvalKern
Oefendiagramnet12GA

Stappen

  1. G gooit een hoge, makkelijke bal bij positie 4.
  2. A komt in en slaat de bal over het net.
  3. Wissel na 8 aanvallen.

Aandachtspunten

  • Wacht met inkomen tot de bal omhoog is.
  • Raak de bal hoog en vóór je.
  • Sla naar beneden het veld in, niet in het net.

Variaties

  • Makkelijker: bal vangen op het hoogste punt in plaats van slaan.
  • Moeilijker: V zet in plaats van G gooit.

Succescriterium: 6 van de 10 aanvallen in het veld.

Aanval vanaf positie 4

GemiddeldAanvalKern
Oefendiagramnet12VA

Stappen

  1. V zet de bal naar de buitenaanvaller (A).
  2. A komt in en slaat over het net.
  3. Wissel na 8 aanvallen.

Aandachtspunten

  • Time je aanloop op de set, niet te vroeg.
  • Laatste pas groot, armen mee omhoog.
  • Raak de bal hoog en vóór je.

Variaties

  • Makkelijker: V gooit een vaste hoge bal.
  • Moeilijker: blok aan de overkant.

Succescriterium: 6 van de 10 aanvallen gecontroleerd in het veld.

Aanval cross en lijn

GevorderdAanvalKern
Oefendiagramnet123VA

Stappen

  1. V zet naar A op positie 4.
  2. A slaat beurtelings cross (2) en langs de lijn (3).
  3. Een helper roept "cross" of "lijn" vlak voor de slag.

Aandachtspunten

  • Kies je richting met je schouders, niet je pols.
  • Houd beide opties geloofwaardig.
  • Blijf hoog en vóór de bal, ook bij de lijnslag.

Variaties

  • Makkelijker: vaste volgorde cross/lijn.
  • Moeilijker: richting pas op het laatste moment.

Succescriterium: 8 van de 10 aanvallen in de aangekondigde richting.

Aanval tegen een blok

GevorderdAanvalKern
Oefendiagramnet12VAB

Stappen

  1. V zet naar A; aan de overkant staat een blokkeerder (B).
  2. A slaat langs of over het blok (naar de open hoek).
  3. Wissel A en B regelmatig.

Aandachtspunten

  • Kijk naar het blok vóór je slaat.
  • Speel de bal om het blok heen, of hard langs de handen.
  • Een tip of lob is ook een optie tegen een goed blok.

Variaties

  • Makkelijker: passief blok (alleen handen omhoog).
  • Moeilijker: actief, springend blok.

Succescriterium: 7 van de 10 aanvallen voorbij het blok in het veld.

Aanval vanaf positie 2

GemiddeldAanvalKern
Oefendiagramnet12VA

Stappen

  1. V zet de bal naar de aanvaller op positie 2 (rechts).
  2. A komt in en slaat cross naar de overkant.
  3. Wissel na 8 aanvallen.

Aandachtspunten

  • Ook rechts: raak de bal hoog en vóór je.
  • Draai je schouders mee in de slagrichting.
  • Time de aanloop op de set.

Variaties

  • Makkelijker: vaste hoge bal.
  • Moeilijker: blok toevoegen aan de overkant.

Succescriterium: 6 van de 10 aanvallen vanaf positie 2 in het veld.

Prikbal over het blok

GemiddeldAanvalKern
Oefendiagramnet12VAB

Stappen

  1. V zet naar A; aan de overkant staat een blok (B).
  2. In plaats van hard slaan, prikt A de bal kort achter het blok.
  3. Wissel tip en harde aanval af.

Aandachtspunten

  • Zelfde aanloop als een aanval — verras het blok.
  • Prik met vaste vingers, net over de handen.
  • Kijk waar de ruimte achter het blok is.

Variaties

  • Makkelijker: tip zonder blok.
  • Moeilijker: blok beslist pas laat of het springt.

Succescriterium: 7 van de 10 tips landen achter het blok in het veld.

Achteraanval (pipe)

GevorderdAanvalKern
Oefendiagramnet12VA

Stappen

  1. V zet een bal naar de achterspeler (A) achter de aanvalslijn.
  2. A neemt aanloop van achter de lijn en slaat.
  3. A moet achter de 3-meterlijn afzetten.

Aandachtspunten

  • Afzet vóór de aanvalslijn is fout — let op je voeten.
  • Grote aanloop; sla door de bal heen.
  • Richt diep in het veld van de tegenstander.

Variaties

  • Makkelijker: hogere bal, rustiger tempo.
  • Moeilijker: combineren met een middenaanval.

Succescriterium: A rondt 6 van de 10 achteraanvallen legaal en in het veld af.

Aanvalsreeks onder tempo

GevorderdAanvalKern
Oefendiagramnet123VA

Stappen

  1. V (of coach) voert snel achter elkaar ballen aan.
  2. A slaat 3–5 aanvallen op rij zonder lange pauze.
  3. Varieer de richting per bal.

Aandachtspunten

  • Herstel snel na elke aanval, klaar voor de volgende.
  • Behoud techniek ook als je moe wordt.
  • Blijf hoog en vóór de bal raken.

Variaties

  • Makkelijker: 3 ballen, rustiger tempo.
  • Moeilijker: 6+ ballen of richting op commando.

Succescriterium: A houdt techniek en richting vast over de hele reeks.

Middenaanval: basis

GemiddeldMiddenaanvalKern
Oefendiagramnet12VM

Stappen

  1. V zet een iets hogere bal naar de middenaanvaller (M).
  2. M komt kort in en slaat snel over het net.
  3. Herhaal; houd het tempo rustig.

Aandachtspunten

  • M start de aanloop als de pass naar V gaat.
  • Korte, explosieve aanloop bij het net.
  • Raak de bal op het hoogste punt.

Variaties

  • Makkelijker: hoge bal, M springt op de set.
  • Moeilijker: bal verlagen en versnellen.

Succescriterium: M slaat 6 van de 10 ballen gecontroleerd in het veld.

Middenaanval: snelle bal

GevorderdMiddenaanvalKern
Oefendiagramnet12VM

Stappen

  1. V zet een snelle, lage bal naar M.
  2. M staat al in de lucht op het moment van de set.
  3. Herhaal; bouw het tempo op.

Aandachtspunten

  • M springt vóór de set, niet erna.
  • Korte, explosieve aanloop.
  • Communiceer het tempo met V.

Variaties

  • Makkelijker: iets hogere bal.
  • Moeilijker: wisselen tussen snelle en hoge bal.

Succescriterium: M raakt de bal consequent op het hoogste punt.

Middenaanval: slide

GevorderdMiddenaanvalKern
Oefendiagramnet12VM

Stappen

  1. M loopt achter V langs naar rechts (slide-aanloop).
  2. V zet een snelle bal in de looprichting van M.
  3. M springt van één been af en slaat.

Aandachtspunten

  • Timing: M beweegt mee met de set.
  • Afzet van één been, zijwaarts bewegend.
  • Raak de bal hoog, nog in de beweging.

Variaties

  • Makkelijker: langzamere set, afzet van twee benen.
  • Moeilijker: snellere bal of wisselende kant.

Succescriterium: M rondt 6 van de 10 slide-aanvallen gecontroleerd af.

Van blok naar middenaanval

GevorderdMiddenaanvalKern
Oefendiagramnet12MV

Stappen

  1. M staat bij het net in blokpositie.
  2. Na een nep-blok stapt M terug uit het net (transitie).
  3. V zet; M komt opnieuw in en slaat de middenaanval.

Aandachtspunten

  • Snel loskomen van het net na het blok.
  • Draai meteen naar de bal en zet je aanloop in.
  • Blijf communiceren met V.

Variaties

  • Makkelijker: zonder blok, alleen de transitie.
  • Moeilijker: echt blok vóór de transitie.

Succescriterium: M maakt de transitie en rondt de aanval af zonder te haasten.

Lezen van de spelverdeler

GemiddeldMiddenaanvalKern
Oefendiagramnet1VMA

Stappen

  1. V kan zetten naar M (midden) of naar A (buiten).
  2. M en A lezen de handen van V en starten pas bij de juiste set.
  3. V wisselt willekeurig; de aanvaller rondt af.

Aandachtspunten

  • Kijk naar de handen en het lichaam van V.
  • Start je aanloop pas als de bal die kant op gaat.
  • Fake aanlopen om de verdediging te misleiden.

Variaties

  • Makkelijker: V kondigt de richting aan.
  • Moeilijker: derde optie (achterbal) toevoegen.

Succescriterium: De juiste aanvaller komt in bij 8 van de 10 sets.

Eerste tempo (snelle 1)

GevorderdMiddenaanvalKern
Oefendiagramnet12VM

Stappen

  1. M springt al terwijl de pass naar V onderweg is.
  2. V zet een zeer snelle, lage bal (eerste tempo).
  3. M slaat de bal direct boven het net.

Aandachtspunten

  • Perfecte timing tussen M en V is alles.
  • M is in de lucht vóór V de bal zet.
  • Korte, explosieve afzet vlak bij V.

Variaties

  • Makkelijker: iets hogere, langzamere bal.
  • Moeilijker: V wisselt tempo per beurt.

Succescriterium: M en V timen 6 van de 10 snelle ballen goed samen.

Combinatie midden en buiten

GevorderdMiddenaanvalKern
Oefendiagramnet1VMA

Stappen

  1. M loopt een snelle aanval; A loopt er iets later achter.
  2. V kiest op het laatste moment: M (snel) of A (achter de rug van het blok).
  3. Het blok moet kiezen — één aanvaller komt vrij.

Aandachtspunten

  • M maakt de loopactie altijd geloofwaardig (ook zonder bal).
  • Getimede loopacties trekken het blok mee.
  • Communiceer de combinatie vooraf met V.

Variaties

  • Makkelijker: vaste keuze, blok passief.
  • Moeilijker: actief dubbelblok aan de overkant.

Succescriterium: In 7 van de 10 combinaties komt één aanvaller vrij voor het blok.

Blok: basis

GemiddeldVerdedigingKern
Oefendiagramnet1BX

Stappen

  1. X slaat of gooit van dichtbij over het net.
  2. B springt recht omhoog en blokt met gestrekte armen.
  3. Wissel na 8 pogingen.

Aandachtspunten

  • Handen breed, duimen omhoog, over het net reiken.
  • Spring recht omhoog, raak het net niet.
  • Kijk naar de bal en de slaghand van X.

Variaties

  • Makkelijker: X gooit zacht.
  • Moeilijker: X valt echt aan vanaf een verhoging.

Succescriterium: B blokt of vertraagt 6 van de 10 ballen.

Blok: timing en verplaatsen

GevorderdVerdedigingKern
Oefendiagramnet1XB

Stappen

  1. X valt aan vanaf positie 4 (overkant).
  2. B verplaatst zich langs het net en blokt op tijd.
  3. Herhaal vanaf wisselende posities.

Aandachtspunten

  • Zijwaarts verplaatsen met kruispas, dan springen.
  • Spring iets ná de aanvaller, niet ervoor.
  • Sluit het blok: handen naast die van je medeblokker.

Variaties

  • Makkelijker: vaste aanvalspositie.
  • Moeilijker: aanval links óf rechts, B kiest.

Succescriterium: B staat op tijd en goed geplaatst bij 7 van de 10 aanvallen.

Verdedigen en doorspelen

GevorderdVerdedigingKern
Oefendiagramnet12XDV

Stappen

  1. Een aanvaller (X) slaat vanaf de overkant.
  2. D verdedigt laag richting het doel (V).
  3. V vangt of zet; wissel rollen.

Aandachtspunten

  • Sta laag met gewicht naar voren.
  • Armen laag en voor je, niet zwaaien.
  • Speel de verdediging hoog en naar het midden.

Variaties

  • Makkelijker: X slaat zacht.
  • Moeilijker: X valt harder of vanaf een verhoging aan.

Succescriterium: 7 van de 10 verdedigingen blijven bespeelbaar.

Noodverdediging: korte bal

GevorderdVerdedigingKern
Oefendiagramnet12XD

Stappen

  1. X tikt de bal kort over het net.
  2. D sprint naar voren en verdedigt laag (eventueel met een duik).
  3. Speel de bal zo hoog mogelijk omhoog.

Aandachtspunten

  • Lees de korte bal vroeg aan de hand van X.
  • Laatste stap groot, laag blijven.
  • Val gecontroleerd af, land op borst/dijen.

Variaties

  • Makkelijker: X gooit de korte bal aan.
  • Moeilijker: afwisselend kort en diep.

Succescriterium: D houdt 5 van de 10 korte ballen in het spel.

Dubbelblok sluiten

GevorderdVerdedigingKern
Oefendiagramnet1BBX

Stappen

  1. X valt in het midden aan; twee blokkers springen samen.
  2. De buitenste blokker sluit naar de binnenste — geen gat ertussen.
  3. Wissel aanvaller en blokkers.

Aandachtspunten

  • Handen naast elkaar, geen ruimte tussen de blokkers.
  • Spring gelijk en recht omhoog.
  • Buitenste blokker bepaalt, binnenste sluit aan.

Variaties

  • Makkelijker: X gooit de bal op het blok.
  • Moeilijker: X valt vanaf wisselende posities aan.

Succescriterium: Het dubbelblok sluit zonder gat bij 7 van de 10 aanvallen.

Verdedigen naast het blok

GevorderdVerdedigingKern
Oefendiagramnet12BDXV

Stappen

  1. B blokt in het midden; X slaat de bal naast het blok.
  2. D leest de ruimte en verdedigt de bal richting V.
  3. V vangt of zet; wissel rollen.

Aandachtspunten

  • D kijkt langs het blok naar de slaghand.
  • Sta laag, klaar om zijwaarts te duiken.
  • Speel de verdediging hoog en naar het midden.

Variaties

  • Makkelijker: X slaat zacht en voorspelbaar.
  • Moeilijker: X kiest hard of tip.

Succescriterium: D houdt 6 van de 10 ballen naast het blok in het spel.

Korte ballen oprapen

GemiddeldVerdedigingKern
Oefendiagramnet12XD

Stappen

  1. X prikt/tikt de bal kort over het net.
  2. D stapt snel in en speelt de bal gecontroleerd omhoog.
  3. Speel de bal naar de spelverdeler-positie.

Aandachtspunten

  • Lees de korte bal vroeg aan de hand van X.
  • Laatste stap groot, laag blijven.
  • Speel met open hand of onderarmen, hoog.

Variaties

  • Makkelijker: X kondigt de tip aan.
  • Moeilijker: afwisselend tip en harde aanval.

Succescriterium: D raapt 6 van de 10 korte ballen bespeelbaar op.

Blok en veldverdediging samen

GevorderdVerdedigingKern
Oefendiagramnet12BDXV

Stappen

  1. B blokt de lijn; D dekt de ruimte die B openlaat (cross).
  2. X valt aan; of het blok raakt, of D verdedigt.
  3. Daarna speelt het team door naar V.

Aandachtspunten

  • Blok en verdediging verdelen het veld: B lijn, D cross.
  • Communiceer wie welk deel neemt.
  • Na de verdediging meteen omschakelen naar de aanval.

Variaties

  • Makkelijker: X valt vast cross aan.
  • Moeilijker: X kiest lijn of cross.

Succescriterium: Blok + verdediging dekken samen 7 van de 10 aanvallen.

Spelvorm: 3-tegen-3

GemiddeldSpelvormAfsluiting
Oefendiagramnet1

Stappen

  1. Twee teams van 3 spelen op een (half) veld.
  2. Elke bal minstens 2x spelen vóór het net over gaat.
  3. Speel tot 10 punten; winnaar blijft staan.

Aandachtspunten

  • Roep wie de bal neemt.
  • Pass-set-aanval: speel de bal uit.
  • Beweeg als team mee met de bal.

Variaties

  • Makkelijker: vangen-en-gooien toegestaan.
  • Moeilijker: verplicht 3 contacten en afronden met een aanval.

Succescriterium: Teams spelen de meeste rally's via 3 contacten uit.

Spelvorm: koningsveld

GemiddeldSpelvormAfsluiting
Oefendiagramnet1

Stappen

  1. Meerdere teams; het winnende team blijft aan de "koningskant".
  2. Wie wint, scoort een punt en blijft; de verliezer wisselt met een wachtend team.
  3. Speel korte rally's/punten, snel wisselen.

Aandachtspunten

  • Hoge intensiteit: wees meteen klaar na een wissel.
  • Blijf communiceren, ook in korte punten.
  • Speel slim: veilige keuzes onder tijdsdruk.

Variaties

  • Makkelijker: rally's zonder service starten.
  • Moeilijker: alleen punten via een aanval tellen.

Succescriterium: Elk team speelt meerdere beurten; de winnaar blijft staan.

Spelvorm: 2-tegen-2

BeginnerSpelvormAfsluiting
Oefendiagramnet1

Stappen

  1. Twee teams van 2 op een klein veld.
  2. Probeer de bal 2–3 keer te spelen voor hij over gaat.
  3. Speel tot 7 punten.

Aandachtspunten

  • Verdeel het veld met je maat.
  • Roep altijd wie de bal neemt.
  • Blijf bewegen, sta nooit stil.

Variaties

  • Makkelijker: groter veld, vangen toegestaan.
  • Moeilijker: verplicht via 3 contacten.

Succescriterium: De meeste rally's via meerdere contacten gespeeld.

Spelvorm: side-out

GevorderdSpelvormAfsluiting
Oefendiagramnet1S

Stappen

  1. Team A serveert; team B (3 spelers) probeert direct te scoren (side-out).
  2. Lukt de side-out in één rally? Punt voor B. Zo niet, punt voor A.
  3. Speel 10 services; wissel daarna.

Aandachtspunten

  • Receptie → set → aanval in één vloeiende actie.
  • Vaste taken: wie passt, wie zet, wie valt aan.
  • Blijf rustig bij een lastige service.

Variaties

  • Makkelijker: service wordt ingegooid.
  • Moeilijker: blok aan serverende kant toevoegen.

Succescriterium: Team B haalt minstens 6 van de 10 keer de side-out.

Wedstrijd met opdracht

GevorderdSpelvormAfsluiting
Oefendiagramnet1

Stappen

  1. Speel een gewone wedstrijd, maar met één opdracht (bijv. "elke bal via de spelverdeler").
  2. Opdracht niet nagekomen? Dan telt het punt niet.
  3. Wissel de opdracht elke 5 minuten.

Aandachtspunten

  • Houd de opdracht in je hoofd, ook in het heetst van de rally.
  • Coach stuurt bij op de opdracht, niet alleen op de uitslag.
  • Gebruik de opdracht om een zwak punt te trainen.

Variaties

  • Makkelijker: één simpele opdracht.
  • Moeilijker: twee opdrachten tegelijk.

Succescriterium: De opdracht wordt in het merendeel van de rally's uitgevoerd.

Wedstrijd met receptie-focus

GemiddeldSpelvormAfsluiting
Oefendiagramnet1S

Stappen

  1. Normale wedstrijd 3-tegen-3, maar start elke rally met een service.
  2. Een perfecte pass levert het ontvangende team een bonuspunt op.
  3. Speel tot 15; wissel serveerbeurten.

Aandachtspunten

  • Leg de nadruk op rust en techniek bij de receptie.
  • Vaste taken bij de ontvangst.
  • Coach beloont goede passes, niet alleen punten.

Variaties

  • Makkelijker: service wordt ingegooid.
  • Moeilijker: kleiner doelvak voor de bonuspass.

Succescriterium: Het ontvangende team haalt regelmatig de bonuspass.

Wash-drill (twee rally's)

GevorderdSpelvormAfsluiting
Oefendiagramnet12

Stappen

  1. Team wint pas een punt als het twéé rally's op rij wint.
  2. Rally 1 start met service, rally 2 met een ingegooide bal.
  3. Eén gewonnen en één verloren = "wash", geen punt.

Aandachtspunten

  • Hoge focus: elke bal telt dubbel.
  • Blijf scherp na een gewonnen rally.
  • Coach wisselt de startbal om situaties te oefenen.

Variaties

  • Makkelijker: één rally = één punt.
  • Moeilijker: drie rally's op rij voor een punt.

Succescriterium: Een team wint meerdere "wash"-punten door series te winnen.

Koning van het net

GemiddeldSpelvormAfsluiting
Oefendiagramnet1

Stappen

  1. 2-tegen-2 dicht bij het net; alleen volleys en snelle ballen.
  2. Speel korte, snelle rally's over het net.
  3. Winnaar blijft; verliezer wisselt.

Aandachtspunten

  • Sta klaar met de handen hoog bij het net.
  • Korte, gecontroleerde volleys — geen uithalen.
  • Reageer snel; houd je ogen op de bal.

Variaties

  • Makkelijker: bal mag één keer stuiten.
  • Moeilijker: alleen directe volleys toegestaan.

Succescriterium: Snelle netrally's worden meerdere ballen uitgespeeld.

Geen oefeningen gevonden met deze filters.