Tennis lijkt ingewikkeld door de aparte telling, maar de basis is simpel. Als je de baan, de slagen en de telling snapt, speel je snel je eerste spelletjes. Deze gids neemt je er stap voor stap doorheen.
Nog nooit gespeeld? Begin bij beginnen met tennis. Je niveau bepalen kan via welk tennisniveau heb ik.
De baan en het materiaal
Een tennisbaan is 23,77 m lang en 8,23 m breed voor enkelspel (10,97 m voor dubbel). Het net hangt in het midden op 0,914 m. Verder heb je nodig:
- Racket: voor beginners een lichter frame (±270–300 g) met een groot bladoppervlak (100–110 inch²) voor een grote sweet spot. Meer weten? Zie onze racket-koopgids.
- Ballen: standaard tennisballen; een koker van drie kost een paar euro.
- Schoenen: tennisschoenen met zijwaartse steun — belangrijk voor de snelle zijwaartse bewegingen.
De slagen
Je speelt enkel (1 tegen 1) of dubbel (2 tegen 2). De basisslagen:
- Forehand: je meest natuurlijke slag — met de eastern grip.
- Backhand: met één of twee handen; beginners kiezen vaak tweehandig voor stabiliteit. Worstel je ermee? Lees backhand-problemen oplossen.
- Service: waarmee je elk punt opent — met de continental grip.
- Volley: de bal uit de lucht spelen aan het net, ook met de continental grip.
Begin met rustig heen en weer spelen (rally'en); dat leert je meer dan losse harde slagen.
De telling
- Punten: 15 – 30 – 40 – game.
- Bij 40-40 (deuce) moet je twee punten op rij winnen: eerst voordeel, dan de game.
- Een set win je met 6 games én twee games verschil; bij 6-6 volgt een tiebreak.
- Een wedstrijd win je meestal met twee gewonnen sets (best of three).
Let op twee dingen: de server noemt altijd zijn eigen score eerst, en veel recreatieve competities spelen een verkorte telling (bijvoorbeeld 'no-ad': één beslissend punt bij 40-40, of korte sets). Vraag vooraf welk format geldt.
"Consistentie wint van kracht: houd simpelweg één bal meer in het veld dan je tegenstander."
Positie en bewegen
Sta klaar met je knieën licht gebogen, gewicht op je voorvoeten en het racket voor je. Beweeg met kleine, snelle passen naar de bal en keer na elke slag terug naar het midden. Bereid je slag vroeg voor door je schouders te draaien zodra je ziet waar de bal komt.
Zo begin je
Je hoeft geen solo-schema af te werken. Neem een paar lessen of een clinic voor de basis (grip, houding, service) en speel daarna vooral veel — rally'en met iemand van je eigen niveau leert je het snelst. Op veel banen kun je materiaal huren en lessen boeken.
Veelgemaakte fouten
- Denken dat 40-40 meteen beslist wordt — je hebt twee punten voorsprong nodig.
- Vergeten dat de server zijn eigen score eerst noemt.
- Denken dat 6 games genoeg is zonder twee games verschil.
- Te hard willen slaan in plaats van de bal consistent in het veld houden.
Betrouwbare bronnen
De officiële spelregels vind je bij de ITF (International Tennis Federation) en, voor tennis in Nederland, bij de KNLTB. Techniek leren met beeld? Bekijk de lessen in ons artikel over Patrick Mouratoglou.
Veelgestelde vragen
Hoe werkt de tennistelling?
Punten: 15-30-40-game. Bij 40-40 (deuce) moet je twee punten op rij winnen. Een set win je met 6 games en twee games verschil; bij 6-6 volgt een tiebreak.
Hoe groot is een tennisbaan?
23,77 m lang en 8,23 m breed voor enkel (10,97 m voor dubbel); het net hangt in het midden op 0,914 m.
Welke grip is het beste voor beginners?
De eastern forehandgrip is een veilige start; de continental grip gebruik je voor service en volley.
Kracht of controle eerst?
Controle. Consistente, goed geplaatste ballen winnen meer punten dan harde, onnauwkeurige.
Heb ik lessen nodig?
Eén of twee lessen helpen enorm met de basistechniek; daarna leer je het meest door veel te spelen.
