Voetbal
VOETBAL

Voetbal: trainingen & oefeningen

Een filterbare bibliotheek met uitgewerkte voetbaloefeningen — per niveau, type en trainingsfase, met veld-diagram, stappen en coaching. Stel je training samen, vink de oefeningen aan en download een compleet, printbaar trainingsblad.

Zo bouw je een training op

Warming-up

10–15 min

Activeren en balgevoel opbouwen: lichte pass- en dribbelvormen.

Kern

30–45 min

Techniek per vaardigheid (passen, dribbelen, schieten, verdedigen), opbouwend naar wedstrijdsituaties.

Afsluiting

10–15 min

Een spelvorm of wedstrijdvorm: het geleerde toepassen onder druk — en met plezier eindigen.

Zo lees je de diagrammen: A aanvaller · V verdediger · K keeper · P speler · M medespeler · T doelspeler · X tegenstander · ▲ pion · oranje pijl = balbaan (genummerd), grijze stippellijn = loopactie.
Niveau
Type
Fase

Tip: filter op fase en vink de oefeningen aan die je wilt. Je download loopt automatisch van warming-up → kern → afsluiting. Niets aangevinkt? Dan print je de zichtbare oefeningen.

Pass en beweeg (driehoek)

BeginnerPassenWarming-up
Oefendiagram123PMM

Stappen

  1. Speel in een driehoek over en weer.
  2. Pass de bal in tempo met de binnenkant.
  3. Volg altijd je eigen pass naar de volgende positie.

Aandachtspunten

  • Open je lichaam vóór je de bal krijgt.
  • Pass vóór de voet van je medespeler.
  • Blijf in beweging, sta nooit stil.

Variaties

  • Makkelijker: bal mag één keer stuiten / rustiger tempo.
  • Moeilijker: verplicht op één contact (direct spel).

Succescriterium: 20 passes rond zonder balverlies, mét het volgen van je pass.

Dribbelparcours (slalom)

BeginnerTechniekWarming-up
OefendiagramP

Stappen

  1. Dribbel slalommend door de pionnen.
  2. Gebruik beurtelings je linker- en rechtervoet.
  3. Keer bovenaan om en dribbel terug.

Aandachtspunten

  • Houd de bal dicht bij je voet (korte tikjes).
  • Kijk af en toe op, niet alleen naar de bal.
  • Gebruik binnen- én buitenkant van de voet.

Variaties

  • Makkelijker: grotere afstand tussen de pionnen.
  • Moeilijker: op tijd, of met een schijnbeweging bij elke pion.

Succescriterium: Twee keer het parcours zonder een pion te raken.

Rondo 4-tegen-1

GemiddeldPassenKern
Oefendiagram12PPPPX

Stappen

  1. Vier spelers in een vierkant, één verdediger (X) in het midden.
  2. Houd de bal rond; de X probeert te onderscheppen.
  3. Wie balverlies lijdt of de X die tikt, wisselt van rol.

Aandachtspunten

  • Speel aan de voet die van de verdediger af staat.
  • Beweeg mee om een passlijn aan te bieden.
  • Eén- of tweecontact: niet treuzelen.

Variaties

  • Makkelijker: groter vierkant, vrij aantal contacten.
  • Moeilijker: 4-tegen-2 of verplicht op één contact.

Succescriterium: Tien passes op rij zonder dat de X de bal raakt.

Aannemen en draaien

GemiddeldTechniekKern
Oefendiagram12PAM

Stappen

  1. P speelt in op A, die met de rug naar voren staat.
  2. A neemt aan en draait open in één beweging.
  3. A speelt de bal vooruit naar M.

Aandachtspunten

  • Kijk vóór de aanname over je schouder (scannen).
  • Neem aan met de verste voet, weg van de druk.
  • Eerste aanraking uit de voeten, richting de draai.

Variaties

  • Makkelijker: ingooien in plaats van passen.
  • Moeilijker: een passieve verdediger in de rug van A.

Succescriterium: Zes van de tien keer gecontroleerd gedraaid en vooruit gespeeld.

Afronden na voorzet

GemiddeldSchietenKern
Oefendiagram12KAA

Stappen

  1. De vleugelspeler dribbelt in en geeft een voorzet.
  2. De spits kiest zijn moment en loopt in.
  3. Rond af op doel (keeper verdedigt).

Aandachtspunten

  • Spits: start je loop pas als de voorzet komt.
  • Mik je inzet laag in de verre hoek.
  • Raak de bal vol en gecontroleerd, niet te hard willen.

Variaties

  • Makkelijker: voorzet wordt ingelegd (stilliggende bal).
  • Moeilijker: een verdediger die de spits bijloopt.

Succescriterium: Zes van de tien voorzetten tussen de palen afgerond.

1-tegen-1 verdedigen

GevorderdVerdedigenKern
Oefendiagram1VA

Stappen

  1. De aanvaller (A) probeert langs de verdediger (V) te komen en te scoren.
  2. De V vertraagt, stuurt naar buiten en kiest zijn moment.
  3. Wissel na elke poging van rol.

Aandachtspunten

  • Benader in een gebogen lijn; sta zijwaarts, laag.
  • Jaag niet in — vertraag en wacht op de fout.
  • Tackle pas als de bal van de voet van de aanvaller is.

Variaties

  • Makkelijker: V hoeft alleen de bal breed te sturen.
  • Moeilijker: aanvaller mag ook de diepte in (klein doel + lijn).

Succescriterium: De verdediger wint of stuurt breed in 6 van de 10 duels.

Combinatie: één-twee

GevorderdPassenKern
Oefendiagram123PMX

Stappen

  1. P speelt de bal naar de muurspeler (M) en loopt door.
  2. M kaatst in één keer terug, langs de verdediger (X).
  3. P neemt de bal mee en schiet op doel.

Aandachtspunten

  • Pass en loop in hoog tempo; verras de verdediger.
  • M: kaats met één contact in de loop van P.
  • Timing van de loop is belangrijker dan snelheid.

Variaties

  • Makkelijker: verdediger staat passief.
  • Moeilijker: verdediger mag actief verdedigen.

Succescriterium: Zeven van de tien keer komt P vrij vóór het doel.

Keeper: hoeken verwerken

GemiddeldKeepenKern
Oefendiagram12KP

Stappen

  1. De schutter schiet afwisselend in de lage hoeken.
  2. De keeper verwerkt met de juiste voetenbeweging.
  3. Keeper komt na elke redding terug naar het midden.

Aandachtspunten

  • Sta op je tenen, gewicht naar voren, handen klaar.
  • Zet af met het been aan de kant van de bal.
  • Vang of keer de bal van je doel weg.

Variaties

  • Makkelijker: ingerolde ballen in plaats van schoten.
  • Moeilijker: schot aangekondigd op het laatste moment.

Succescriterium: Vijf van de acht hoekballen onder controle verwerkt.

Omschakelen: 2-tegen-2 + doelspeler

GevorderdSpelvormKern
Oefendiagram1AAXXM

Stappen

  1. 2-tegen-2 op een klein veld; scoor door in te spelen op de doelspeler (M) boven.
  2. Verover je de bal? Schakel direct om naar de aanval.
  3. Na een doelpunt start de tegenpartij met de bal.

Aandachtspunten

  • Omschakelen begint met de eerste stap ná balverovering.
  • Bied je meteen aan voor de doelspeler.
  • Communiceer: wie gaat op de bal, wie dekt?

Variaties

  • Makkelijker: doelspeler aan beide kanten.
  • Moeilijker: binnen 6 seconden na balverovering scoren.

Succescriterium: Meer snelle omschakel-doelpunten dan de tegenpartij.

Partijvorm: 4-tegen-4 met 4 doeltjes

GemiddeldSpelvormAfsluiting
Oefendiagram1AAAXXX

Stappen

  1. Twee teams van 4 op een veld met vier kleine doeltjes (twee per team).
  2. Je mag in beide doeltjes van de tegenstander scoren.
  3. Speel 10 minuten; winnaar blijft staan.

Aandachtspunten

  • Twee doeltjes dwingen je om het spel te verleggen.
  • Zoek de vrije ruimte en de open man.
  • Verdedig samen: schuif mee naar de bal.

Variaties

  • Makkelijker: vrij scoren, groter veld.
  • Moeilijker: verplicht via 3 passes vóór een doelpunt.

Succescriterium: Het team verlegt het spel en benut het vrije doeltje.

Geen oefeningen gevonden met deze filters.